Zeven jaar dromen
Wie negentig wordt, heeft dertig jaar geslapen en zeven jaar gedroomd. Niemand weet precies waarom.
Op een kinderpagina uit 2003 staat de rekensom die ik nooit had gemaakt. Je slaapt ongeveer acht van de vierentwintig uur. Word je negentig, dan heb je bijna dertig jaar geslapen. Een kwart van die tijd heb je gedroomd. Ruim zeven jaar dromen, staat er, stel je voor wat daar allemaal in kan gebeuren.
Ik schrijf hier over voeding, over de markt, over het gesprek aan tafel. Over het derde deel van een leven heb ik nooit iets geschreven, en dat is een merkwaardige omissie voor iemand die beweert dat gezondheid uit vaardigheden bestaat.
Wat mij aan het stukje het meest beviel, was de eerlijkheid ervan. Het legt uit dat een kind langer slaapt omdat de hersenen tijdens de slaap een stof aanmaken die groeihormoon heet, dat botten langer worden en spieren sterker, en dat dit doorgaat tot je achttiende. Slapen is dus echt heel belangrijk, staat er. En dan, zonder omhaal: maar het is nog steeds niet duidelijk waarom je slaperig wordt, en waarom het absoluut onmogelijk is om wakker te blijven. Het is met andere woorden nog steeds een raadsel.
Dat is in 2003 geschreven en het is, met alle scans en modellen van de decennia daarna, nog altijd niet onwaar. We weten inmiddels veel meer over wat er tijdens de slaap gebeurt: het opruimen van afvalstoffen in de hersenen, het vastzetten van herinneringen, het herstel van weefsel. We weten nog steeds niet goed waarom een dier dat slaapt, en dus urenlang weerloos ligt, het in de evolutie heeft gewonnen van een dier dat dat niet doet.
Wat ik daaruit meeneem is een houding, geen advies. In de gezondheidshoek wordt slaap tegenwoordig behandeld als een prestatie: een score op een ring, een percentage diepe slaap, een venster waarbinnen je naar bed moet. Dat is dezelfde beweging die ik in de keuken bestrijd, waarin het meten de plaats inneemt van het doen.
De kinderpagina doet het anders. Bedtijd, ogen dicht, een paar keer geeuwen, ontspannen ademen. Je wordt vanzelf doezelig en glijdt weg, terwijl iemand je nog even instopt.
Dertig jaar van je leven, en de beste beschrijving ervan staat in een stuk voor achtjarigen.
Bron: “Zeven jaar dromen”, NRC Handelsblad, Cultureel Supplement, vrijdag 24 januari 2003, illustratie Olivia Ettema.